Naomi
Als Naomi met oom Evert in de auto zit op weg naar De Ark, is
Naomi erg gespannen. Ze hoopt maar dat het goed afloopt en dat er geen gewonden
gaan vallen. In de verte is De Ark al in zicht. Oom Evert raast met een
rotvaart over de smalle weggetjes en als ze eenmaal aangekomen zijn bij De Ark,
raakt oom Evert nog woester dan hij al was toen hij hoorde dat Elise zich had
aangesloten bij De Ark. Oom Evert stapt de auto uit en rent naar de ark toe.
Een vrouw in een vreemd kleed komt naar oom Evert toe en vertelt hem dat hij
niet zomaar naar binnen mag. “Flikker toch op!” schreeuwt oom Evert en bij
geeft de vrouw een trap en rent verder. Terwijl hij het gebouw doorrent op zoek
naar Jonathan mompelt hij in zich zelf: “Hoe kan het nou godverdomme dat dat
kind zich heeft aangesloten heeft bij dit stelletje debielen.” Evert wordt
tijdens zijn zoektocht door het gebouw enkele malen gehinderd door bewoners van
De Ark die hem proberen te stoppen, maar dat heeft geen zin want hij laat zich
niet zomaar in de weg staan.
In de auto zit Naomi nog steeds gespannen te hopen dat alles
goed komt. Plotseling komt Jelle ergens achter uit de tuin van De Ark vandaan
en ziet Naomi in de auto zitten. Jelle stapt op de auto af en tikt tegen het
raampje. Naomi schrikt er een beetje van want ze had Jelle niet aan zien komen.
Ze draait het raampje open en vraagt: “Waarom ben je hier nog?” Jelle zegt: “Ik
heb het licht gezien, hier kan ik mijn gedachten veranderen en al mijn problemen
loslaten. Dit is de weg naar God.” “Nee,” zegt Naomi, “ben jij ook al gehersenspoeld. Ik
en Evert komen Elise hier uithalen en nu wil jij hier ook al niet meer weg.” “Jullie gaan Elise hier niet weg krijgen.”
zegt Jelle. Elise duwt Jelle weg bij het portier van de auto en rent de auto in
richting van De Ark en Jelle gaat er snel achteraan.
Als oom Evert eindelijk aankomt in de gebedsruimte van De Ark
ziet hij Jonathan bij het altaar staan. “Vieze vuile…….. jij hebt mijn nichtje
hier gehersenspoeld. Waar is ze?” roept oom Evert. “Uw nichtje is hier op een
veilige plek waar zij het pad naar God volgt”, zegt jonathan. “Zeg waar ze is,
nu!” Schreeuwt oom Evert. Oom Evert springt op jonathan en begint hem te slaan.
Opeens komt Naomi binnen en schreeuwt tegen oom Evert: “we moeten Elise halen
nu!” Na Naomi komt ook Jelle binnen en begint tegen oom Evert aan te schoppen.
Oom Evert gaat van Jonathan af en geeft Jelle een klap. Jonathan kruipt snel
achter het altaar. Jelle heeft oom Evert in de houdgreep en probeert hem te
wurgen, maar oom Evert wringt zich los en slaat van zich af. Naomi rent verder
en schreeuwt door de gangen van De Ark “Elise, Elise waar ben je?” Als Naomi op
de bovenste verdieping van De Ark is, ziet ze Elise daar lopen. “Elise kom mee,
ze hebben je gehersenspoeld.” zegt Naomi tegen Elise en sleurt haar mee.
Jelle en oom Evert zijn nog steeds aan het vechten in de gebedsruimte.
Als oom Evert Jelle tegen de muur aan gooit, waar op dat moment een kabel aan
vastgemaakt is, schiet deze los. De kroonluchter, die in het midden van de
gebedsruimte boven het altaar hangt, stort naar beneden bovenop Jonathan. Jelle
rent naar Jonathan en voelt aan zijn pols om te kijken of hij nog leeft.
Op Jonathans hoofd zit een enorme wond die bloedt. Jonathan
is dood.
Naomi komt met Elise de gebedsruimte weer binnen gerend. “Elise!…
kom we moeten gaan!” roept oom Evert. Naomi, Elise en oom Evert rennen naar
buiten, stappen de auto in en rijden weg. Elise is helemaal stil. Nu pas beseft
ze zich wat ze allemaal gedaan heeft, haar familie in de steekt laten en bijna
geld over laten maken naar De Ark. Als oom Evert over de weg rijdt, ziet hij
door de spiegel een auto met volle vaart op hun afkomen. Als oom Evert beter door
de spiegel kijkt, ziet hij Jelle achter het stuur zitten van een lichtblauwe
Renault Megane. Jelle botst tegen de auto van oom Evert. Oom Evert raakt in een
slip en belandt op het gras, maar krijgt de auto er weer uit. “Verdomme, zit
die Jelle weer achter me aan.” zegt oom Evert. Nu rijdt oom Evert achter Jelle
en geeft hem een beuk, hierdoor wijkt Jelle af en botst tegen een boom aan die
vlak naast de weg staat. Lichtgrijze rookwolken komen onder de motorkap vandaan
waar Jelle op ligt. Naomi stapt uit de auto en rent naar Jelle. Dood, Jelle is
dood.
Een week later..
Elise zit op haar kamer en is nog steeds aan het bijkomen van
wat er de laatste tijd allemaal is gebeurd. Oom Evert komt met Naomi de kamer
binnengelopen. Naomi biedt Elise wat te drinken aan en ze wil thee. “Ik heb met
de commissaris van de politie gesproken.” zegt oom Evert. De politie had De Ark
al enkele maanden in de gaten gehouden omdat men vermoedens had, dat er drugs
werden gemokkeld. Jonathan was een lid van een internationaal drugskartel, dat
zich verspreid heeft over meerdere landen in Europa. Naomi en Elise kijken verbaasd
en geschokt. Daarom was Jelle ook op eens zo gehecht aan De Ark, daarom wilde
hij wraak op oom Evert omdat hij Jonathan vermoord had. Alles was een toneelstuk,
alles was in scene gezet, alles was nep. Alleen maar als dekmantel voor de
handel van drugs.
Januari 2012
Het is koud, een gure wind en het regent. Naomi pakt haar
fiets uit de schuur en fietst richting het dorp. De laatste tijd was alles zo
snel gegaan, de vriendschap met Jelle, Elise die in een nep sekte ging en ook
de dood van Jelle. Als Naomi het dorp in fietst slaat ze linksaf, rechtsaf en
daarna nog een keer rechtsaf. Hier had ze als kind zo vaak gefietst naar haar
oude basisschool naast de basisschool ligt de kerk. Naomi parkeert haar fiets
en wrijft in haar handen vanwege de kou buiten. Als ze het kerkhof binnenloopt
ziet ze veel graven met bevroren bloemen en kaarsjes die gedoofd zijn. Er hangt
een nare sfeer en het koude weer maakt het er niet beter op. Helemaal achterin
komt ze aan bij een graf. Jelle, 23-8-11 staat er op het graf. Naomi pakt een
roos en legt deze op het graf. Langzaam komen de tranen, ze begint zachtjes te
snikken. “Lieve Jelle, ik heb toch altijd van je gehouden.”
Geen opmerkingen:
Een reactie posten